Home | Hoe het begon | Wie ben ik | Contact | Forum

Insert caption here.

Nemen van foto's van modelschepen.

Buiten verlichting, scherpte instelling enz. maakt men dikwijls compositie fouten die het modelschip niet tot zijn recht laten komen. Een van de veelvoorkomende storende elementen in dit soort foto's is:

- Aanwezigheid van meubelen, tafelkleden, behang papier, tapijten of vloerbekleding, wand versiering, tuinmeubelen, gras, bloemen, heesters, bomen, hekken, muren, boorden van vijvers, publiek op de achtergrond enz.

Daarom even een goede raad. Plaats een gepaste ondergrond en achtergrond van een egale toon. Zorg dat die achtergrond of ondergrond groot genoeg is om je toe te laten een algemeen beeld te nemen.
Wil je foto's gebruiken voor een publicatie. Hier enkele richtlijnen van een gezaghebbend uitgever van een tijdschrift in modelbouw i.v.m. het gebruik van een digitale camera.
Door de vooruitgang van de techniek komt er nog een probleempje bij. Foto's worden tegenwoordig gescand of met een digitale camera genomen en verzonden via e-mail. Om plaats te sparen worden ze dan veelal verkleint, wat de kwaliteit van de foto niet ten goede komt.
Daarom een klein artikel over het maken van foto's voor modelbouw met een Digitale camera.

Inleiding.
Een forum of een eigen web-site is een uitstekende gelegenheid voor verschillende modelbouwers om hun kunstwerken aan het publiek te tonen. Meestal posten we foto's omdat we op zoek zijn naar commentaar en tips over de bouw en afwerking van onze modellen. Maar om zinvolle informatie te krijgen moet je zinvolle informatie geven. Ervaring leert dat onduidelijke of soms ronduit slechte foto's geen of weinig antwoord geeft op een forum. Niet geheel verwonderlijk, wie wil er naar slechte foto's kijken?
Niet iedere modelbouwer is behalve scheepsbouwer en schilder ook een ervaren fotograaf. Met dit artikel wil ik trachten een handje te helpen door enkele basistechnieken van het fotograferen te bespreken. Aan de hand van praktische voorbeelden zullen de verschillende technieken uiteengezet worden.
De nadruk ligt op het beschrijven van fotografische technieken die geschikt zijn voor modelbouw. Het is niet mijn intentie het gehele gamma van fotografie, in al haar facetten, te behandelen. We gaan een simpele en goedkope methode gebruiken, die ons toelaat binnenshuis te fotograferen. Andere methoden en variaties hierop zijn altijd mogelijk.

Begrippen.
Eerst een beetje theorie en het verklaren van enkel begrippen.

CCD chip en geheugens.
CCD staat voor “Charged Coupled Device”. Het is de lichtgevoelige sensor in je digitale camera die licht omzet in elektrische signalen. Verdere bewerking door de CCD en de foto-elektronica maken van deze signalen een digitaal beeld.

Geheugenchips.
Een traditionele 35mm camera heeft een film rolletje waarop de foto's worden opgeslagen. Deze film wordt per foto belicht en functioneert hierbij als opslagmedium.
Een digitale camera gebruikt hiervoor de zogenaamde CCD chip die door de lensoptiek wordt belicht, waarna de foto naar de geheugenchip wordt overplaatst. De geheugenchips variëren per merk camera en zijn bekend als de CF/SD/XD/MD chips. Een belangrijk verschil tussen digitale fotografie en de traditionele manier is dat bij de 'oude' manier de film direct belicht wordt en snel hierna een volgende foto gemaakt kan worden. Bij een digitale camera er tijd nodig is om de foto van de CCD chip te bewerken en daarna naar de geheugenchip te verplaatsen. Langzame geheugenchips nemen de tijd (latency), dus even snel een aantal foto's in 1 minuut achter elkaar schieten zit er met een digitale camera vaak niet in.

Diafragma, diafragmaopening en F-stops.
Een diafragma is een soort van plaatje met verstelbare opening tussen de lens en sluiter. Via het diafragma valt licht op de CCD-sensor. Hoe groter de opening, hoe meer licht er per tijdseenheid op de sensor valt. In feite doet ons oog hetzelfde – als het donker is, is de pupil wijder dan wanneer het licht is. De grootte van de opening wordt gemeten in F-getallen (f-stops). Hoe groter het getal, hoe kleiner het diafragma. Elke opeenvolgende f-stop op een camera laat half zoveel licht door. Het diafragma bepaald in sterke mate de scherptediepte van je foto.

Sluiter en sluitertijd.
De belichting van een foto wordt bepaald door de grootte van de opening van het diafragma en de duur waarbij de sluiter open staat. Hoe groter de opening van de sluiter des te meer licht er op de CCD chip valt. Hoe groter de sluitertijd des te langer wordt de CCD belicht.
De sluitertijd en de opening moeten op elkaar worden afgestemd om precies de juiste hoeveelheid licht op de CCD te laten komen. Bij standaard gebruik van een digitale camera in de Programma (P) of (Auto) stand wordt de belichting door de camera en zijn elektronica bepaald. In de Av (Apperture-voorkeur) en Tv (Tijdvoorkeur) stand heeft de fotograaf de beschikking over respectievelijk Diafragma-keuze of sluitertijd-keuze. In de M (Manual) stand kan de fotograaf zelf een belichtingskeuze maken.

Scherptediepte.
De scherptediepte is de diepte waarin de onderwerpen scherp op de foto terechtkomen. Stel: je stelt scherp op een object op twee meter, en je ziet dat iets dat op 1,5 m. en op 2,5 m. ook nog scherp is, dan is het gebied tussen 1,5 m. en 2,5 m. dus je scherptediepte. Alles wat buiten dat gebied valt zal in toenemende mate onscherp – tot het zelfs geheel wazig worden. Hoe kleiner het gaatje van het diafragma des te minder lichtstralen zullen er gebroken worden door de optiek. Het resultaat is dat alle lichtstralen wel ongeveer op dezelfde plaats samenkomen. Dat is ook precies de reden dat je in het licht beter en scherper kan zien dan in het donker, en waarom indien je de ogen een beetje dichtknijpt, dichtbij scherper kan zien dan met je ogen helemaal open.

Focus, autofocus
De scherpte van de foto wordt ook bepaald door de focus. Op oude camera's is de focus in te stellen met de instelring aan de lens. Om een model scherp te kunnen fotograferen moet bij iedere foto de focus opnieuw ingesteld worden. Bij goedkope en gemiddelde digitale camera's is de lensoptiek redelijk simpel en vindt het focusseren automatisch plaats. Dit is de zogenaamde autofocus functie. De digitale camera's uit de duurdere klasse hebben naast de autofocus ook een manuele focus. 

Witbalans
Witbalans compenseert de kleurtemperatuur van de omgeving zodat kleuren exact worden weergegeven. De mogelijkheid om de witbalans te kiezen is typisch een toepassing die je op digitale camera's tegenkomt. De kwaliteit van het licht c.q. lichtbron bepaalt de helderheid en kwaliteit van kleuren op de foto. Een zwakke lichtbron, bijvoorbeeld in het halfduister of een tafellampje maakt het bijkans onmogelijk om heldere kleuren te fotograferen.
Een felle lichtbron zoals de middagzon, tijdens de zomer, kan anderzijds ook de kleuren vertekenen. Digitale camera's kunnen hun witbalans automatisch corrigeren of het is mogelijk de witbalans op een bepaalde lichtbron in te stellen. Omdat we hier gebruik maken van kunstlicht voor onze belichting, is de witbalans een belangrijke instelling van de camera. !!!!! 

ISO-waarde en ruis
De ISO-waarde is een maatstaf voor de lichtgevoeligheid van de film - of in het geval van een digitale camera, de lichtgevoeligheidsinstelling van de CCD. Hoe hoger de ISO-waarde, des te lichtgevoeliger is je film of CCD, en des te minder licht is er nodig om een goed beeld te produceren bij gelijkblijvende sluitertijd en diafragma.
Bij digitaal fotograferen betalen we echter een prijs voor een hogere ISO gevoeligheidsinstelling, namelijk RUIS. Omdat bij een hogere gevoeligheid de pixels in de CCD chip warmer worden, gaan ze elkaar verwarmen en elkaar beïnvloeden, en daardoor treedt ruis op.
Hoe groter de fysieke afmetingen van een CCD, des te verder zitten de pixels van elkaar af, en dus des te minder is de kans op onderlinge verwarming en dus op ruis. Met andere woorden: hoe groter de CCD, des te groter is de kans op betere resultaten met hoge gevoeligheden. Stel je camera dus niet standaard in op de hoogste ISO waarde want dat staat niet garant voor de beste kwaliteit foto's. Kies in het begin, tot je meer ondervinding hebt de waarde van 100–ISO in. 

Zoom en digitale zoom.
Het inzoomen op een object wordt met behulp van de lensoptiek gedaan. De meeste digitale camera's kunnen een object van 1x tot 3x inzoomen met de optische zoom. Verdere vergrotingen zoals 3x-6x vinden vaak digitaal plaats wat echter de kwaliteit van de foto's niet direct ten goede komt. Digitale vergrotingen door de computer in je camera gemaakt leiden automatisch tot kwaliteit verlies. Sommige compact camera's hebben enkel een digitale zoom. !!!

Programmastand.
Als je camera op handbediening kan of op een automatische instelling met diafragma-voorkeuze, kom je een heel eind. Raadpleeg daarvoor de handleiding van je camera. Er zijn aardig wat van de betere compacts waarbij je op de één of andere manier de sluitertijd en de lensopening tenminste voor een deel kunt beïnvloeden... al was het maar door een programma "portrait" te kiezen (grotere lensopening) of een programma "sports" (snelle sluitertijd) of een programma "landscape" (voorkeur voor kleine lensopening en voorkeur voor scherpstellen op oneindig).
Voor ons doel is het belangrijk dat we een kleine lensopening kunnen kiezen en vervolgens de camera de daarbij behorende sluitertijd laten bepalen. De ietwat betere camera's hebben een P (Program), Av(Apperture), Tv(Time) en M (Manual) stand. Als jouw camera een diafragma-voorkeuze (Av) stand heeft , dan heeft deze de voorkeur voor het maken van model foto's. In deze stand kies je een kleine lensopening (bijvoorbeeld F8) en vervolgens calculeert de camera de sluitertijd voor een goede belichting. Als je alleen een "Landscape" programma op je camera hebt en geen diafragma-voorkeuze stand dan heeft deze de voorkeur.

Macrofotografie en macrostand.
Het doel van macrofotografie is het beeldvullend fotograferen van zeer kleine details. Macrofotografie heeft niets met inzoomen te maken. Met inzoomen wordt het object optisch groter gemaakt terwijl bij de macrofotografie de camera naar het object gaat om details te fotograferen.
Bij gewone camera's is macrofotografie mogelijk met behulp van speciale macro-objectieven of voorzetlenzen. Bij digitale camera's is macrofotografie tevens door de macrostand of (additioneel) met behulp van voorzetlenzen.

Minimum fotografieafstand.
Ieder objectief / lens kent een minimum afstand tussen lens-brandpunt en het te fotograferen object. Is de afstand groter dan de minimumafstand dan is het focusseren met de lensoptiek geen probleem. Is deze afstand echter kleiner, dan is de foto niet meer scherp te maken want je hebt dan de grens van de scherpstelling overschreden. Door de macrostand van je camera te gebruiken is het echter mogelijk om alsnog scherpe foto's van erg dichtbij te maken. +/- 3-4 cm. Sommige camera's gaan zelfs tot 1 cm. !!!

Compressie.
Bij compressie van een digitaal bestand worden gegevens samengepakt om minder opslagruimte in beslag te nemen. Digitale gegevens worden hierbij weggegooid en zijn daarna niet (!) meer terug te halen. Vrijwel alle digitale camera's slaan hun foto's gecomprimeerd op in JPG formaat. Omwille van de bandbreedte is het verstandig foto's op het Internet in dit formaat aan te bieden.( Hierover later meer)


submenu terug verder